Marian Nissink – het idee

Het boek borrelde al lang, de vorm zou een verhalenbundel worden van alles wat ik beleefde als andersdenkende en -doende makelaar die dezelfde types aantrekt met als logisch gevolg dat niets op de normale manier verliep. Avonturen over vreugde, verdriet, ontroering en diepe teleurstelling. Toch vond ik dat te simpel.

Ik sloot me op in een klooster en dacht na. Het moest een diepere laag worden, de stroom van waaruit ik ook onderneem. De onzichtbare laag die belangrijker is dan wat je ziet. Ik wilde schrijven over wat er onder de grond gebeurt, bij de wortels. En niet uitweiden over de stam en haar takken.

Ondernemen is mijn bloed. Daar moest het over gaan. Het vak makelaardij is voor mij maar een heel klein onderdeel in het grootse gebied van ondernemen. Dus gaat mijn boek over nieuwetijds ondernemen. Ondernemen waarin ik de klant meeneem in een beleving en niet in een transactie. Mijn klant moet rijker worden op welk gebied dan ook, door mij in te huren. Het is mijn missie om haar of zijn wereld en stukje mooier te laten zijn dan voor onze ontmoeting. Opdat zij en ik nooit vergeten en deze periode ankeren in een boeiende herinnering.

In het klooster kwam het thema van mijn boek als opiumrook mijn geest binnen dwarrelen. Ik ruik nog de stoffige geur van de lange kloostergangen en waan mij af en toe in de ochtendnevel die er hing. Alchemie moest het worden. Ondernemen met een vleug mystiek, vanuit het zuiverste hart, bescheiden en met een duidelijk doel: iedereen wordt er beter van.

Dus dook ik in de wereld van de alchemie. Bestudeerde de zeven wetten waarin de alchemist ploeterde met reactorvaten waarbij de boel keer op keer bijna ontplofte en het grootste gedeelte van de missie opging in rook. Steevast overnieuw beginnen is de mantra van de alchemist, keer op keer de as van zich af stoffen en het zuiveringsproces opnieuw aangaan, om elke keer een stukje dichter bij dat goud te komen.

Hierbij prevelde hij geheimzinnige symboliek en sprak meestal in codetaal. Het moest niet te makkelijk worden voor buitenstaanders, vond de alchemist. Hij moest en zou van lood goud maken, hoe dan ook. ‘Dat lukt nooit’ kwam niet in de gedachten van de alchemist voor. ‘Kan niet’ al helemaal niet. Beren op de weg werden uitgerookt en mensen die niet in hem geloofden weggejaagd. Er werd flink geofferd, gezuiverd en verbrand om de juiste grondstoffen te creĆ«ren en daar het ultieme mengsel van te maken.

Dit bracht mij op het idee om het boek in zeven hoofdstukken te gieten en de alchemie-wetten metaforisch los te laten op het ondernemen. Een fantastische combinatie om de zuiverste vorm van ondernemerschap te bereiken.